Onuitgegeven brief van de afgevaardigden der hervormde gemeenten in Vlaanderen tot de onderlinge zamenkomst te Gent in 1579; houdende klagte aan de Gedeputeerden der Staten van Holland en Zeeland over Prins Willem I

Titel Onuitgegeven brief van de afgevaardigden der hervormde gemeenten in Vlaanderen tot de onderlinge zamenkomst te Gent in 1579; houdende klagte aan de Gedeputeerden der Staten van Holland en Zeeland over Prins Willem I", in: Zeeland. Jaarboekje voor 1852. Verzameld door H.M.C. van Oosterzee, Middelburg: Gebroeders Abrahams, pp. 51-111. Noten, facsimile.  
Auteur Borsius, J.
Jaar van uitgave 1852
Citaat "Edele Wyse Discrete Heeren ende goede VriendenOns en twifelt niet, of U. E. en mercken ende vernemen daeghlicks beter dan wy zelve doen, hoe dat de vianden onses ghemeynen Vaderlandts in haer voor­nemen voortvaren, Ende dat die middelen, der rech­ter liefhebbers des voorsch(reve)n Vaderlandts, om hen te beschermen meer ende meer afnemen ende minder werden, het welcke (zo veel als wy menschen daervan oordeelen connen) daer uut voornemelick comt scz (te weten) dat men in zaken die Gods eere ende waerheyt aengaen zo flauwelick handelt, ende den vianden des Vaderlandts te veel gheloofs gheeft. Daerom hebben wij (die apparente perikelen, daerinne het Vaderlandt ende de ghemeynten Christi nu staen, merckende) Zine Exc. oitmoedelick ghebeden dat het dezelver beliefve, haer opentlick voor Gods woordt te declareren, ende de zake wat beter te behertigen dan tselve dus langhe gheschiet is, Ende nu, overmits dat de landen van Hollandt ende Zeelandt (wy onderdrucket wesende) niet langhe ruste noch vrede hebben connen. Zo ist dat wij U. E. oitmoedelick bidden, dat U. E. niet alleen tot zulcks als voorschreven is, Ziner Exc. vlietelick wille vermanen, maer oock de magistraten der voorsch: Provincyen daertoe beweghen, dat se ons in deser nood met goeden raedt ende daedt willen de handt bieden tot haer selfs ende onser aller conservatie, ende overmidts dat onze ghetrauwe medebroeders bringhers deses Philips An­dries ende Jan Crombrugge onse benaudtheyt ende hooghsten noodt beter mondelingh vertellen con­nen dan wy metter penne, zo bidden wy U. E. ghewillet heure redenen volcomen gheloofve gheven.Hiermede U. E. in de ghenadighe bescherminghe des Almachtighen hertgrondelick bevelende.Datum in onse verzamelinghe tot Ghent den 26sten febr. 1579 stilo novo.U. E. goedtwillighe Dienaren ende vrinden De Dienaren des woordts ende ghedeputeerde aller Ghereformeerde Kercken in Vlaen. (deren)" (53/4)"Uit al het aangevoerde is genoegzaam gebleken dat het gemis aan overeenstemming tusschen de ijverigste Hervormden en Oranje eigenlijk zijn' grond had — in 's prinsen gunstige stemming omtrent d'Alençon; — en in het vermoeden der eersten, dat hij meer de belangen der Roomschen dan de hunne behartigde, ja deze zelfs jammerlijk, verwaarloosde." (86)
Opmerking(en) Brief van 26 februari 1579, o.a. ondertekend door Petrus Dathenus.
Trefwoorden Kerkgeschiedenis Algemene en Politieke Geschiedenis