Willem van Oranje. Historische roman

Titel Willem van Oranje. Historische roman, Hasselt: Uitgeverij Heideland-Orbis N.V. / Den Haag: Scheltens & Giltay, 1975. 276 blz.  
Auteur Boni, Armand
Jaar van uitgave 1975
Citaat "IK, LANCELOT VAN HEMELRIJCK, SERGEANT, KORnet, kapitein en later kolonel van Zijne Prinselijke Hoogheid Willem van Oranje-Nassau, teken hier volgens mijn geweten dit relaas op.Het wonderjaar 1566 begon op 1 april (dit is geen aprilvis!) met de vechtjas graaf Hendrik van Brederode en met Lodewijk van Nassau, een andere vechtjas, een verschil als van dag en nacht met zijn broer prins Willem. De gebroeders Filips van Marnix van Sint-Aldegonde en Jan van Toulouse, twee calvinis­tische schoolvossen, hadden reeds maanden tevoren het land en de morrende gewetens van honderden ridders bereden en hadden in 't geheim de mars naar Brussel beraamd.Allereerst een messcherp gesprek tussen prins Willem en Lodewijk van Nassau, te Breda opgetekend:De prins: Broerlief, je speelt met vuur. Ik heb de Spaanse vorst trouw gezworen, vooral als Vliesridder. Laat Filips II buiten spel. Ik ken hem beter dan jij. Hij zal wraak nemen, en niet mals. Onze bekwame Lamoraal van Egmond zal zich van ons afkeren. Ik weet dat hij van een kale Spaanse reis terugkeert. Segovia en de ijdele beloften van de koning liggen zwaar op zijn maag. En buiten Egmond zie ik geen kans. Ik wens geen daad van rebellie te stellen. Wellicht wacht de koning op deze daad om een van zijn late en trage reacties te motiveren. Neen, broer, handen af van de koning, van het koninklijk gezag!Lodewijk: Wie van ons wil het schaak-aan-de-koning? Niemand. Ook wij hebben trouw gezworen. Onze leuze luidt: ge­trouw aan de koning tot aan de bedelzak. Broer Willem, graaf Brederode en ikzelf hebben onze buik vol van je sofistiek en je gezichtentrekkerij.De prins: Je vergeet dat ik kardinaal Granvelle de laan heb uitgestuurd. Ach, broerlief, je bent een driftkop, bewaar je kalmte. Een publieke protestmars naar Brussel betekent het­zelfde als een mars naar Segovia. Ik bewandel de legale weg: de staatsraad, de landvoogdes, onze Vliesridders. Madame van Parma staat in de grond aan onze zijde, de zijde van de moderatie en de geweldloosheid.Lodewijk: Je draait opnieuw om de zaak heen. De inquisitie is geweld. Dan maar geweld tegen geweld. Oog om oog, zegt de bijbel, en zo spreken ook de calvinisten.De prins: Ach... ach, nu goed, laat me aarzelen, laat me na­denken. Beloven jullie mij zonder wapendracht, dus vreedzaam, beleefd en hoffelijk, de landvoogdes om een audiëntie te vragen, volgens alle regels van de kunst en de diplomatie?Lodewijk: Zo zal het gebeuren, Hoogheid." (7/8)
Trefwoorden Literair Literatuur, Toneel, Muziek, overige Kunsten