Van brieven en helden

Titel "Van brieven en helden", in Donald Haks (eindred.), De correspondentie van Willem van Oranje. Presentatie van de data- en beeldbank in Stedelijk Museum Het Prinsenhof te Delft, 12 april 2005, Den Haag: Instituut voor Nederlandse Geschiedenis, 2005, pp. 31-41. Noten.
Auteur Boer, D.E.H.
Jaar van uitgave 2005
Citaat "Vanaf vandaag zullen onderzoekers uit binnen- en buitenland voor het eerst centraal hun weg kunnen vinden naar alle brieven van en aan Willem van Oranje, die over de hele wereld zijn opgespoord. Hoewel ... er zijn er die bewust ontbreken. Een historicus verzamelt immers vooral de authentieke documenten, de aantoonbaar, verifi­eerbaar 'echte', schriftelijke getuigen van handel en wandel van onze voorouders. Daarom is één categorie niet vertegenwoordigd, die van de gefingeerde brieven.Dit is een genre dat op zichzelf een studie meer dan waard is. Immers, in de gefingeerde brief projecteert een auteur hoop en ver­wachting, beeld en perspectief op en van een historisch personage. De gefingeerde brief kan een middel zijn tot kritiek, spot of satire, een vehikel van verwachting, een publieke expressievorm van dankbaar­heid of onbehagen. Van dergelijke brieven zijn vooral de 'heroïdes' of 'heldinnenbrieven' tot een bijzonder genre uitgegroeid, dankzij de beroemde Epistolae Heroides, van Publius Ovidius Naso, die van 43 v.Chr. tot 18 na Chr. leefde en de wereldliteratuur ook in dit opzicht heeft verrijkt. De heroïdes zijn literaire teksten waaraan meestal een berijmde vorm is gegeven aan vertrouwelijke brieven van beroemde vrouwen: heldinnen, vorstinnen, 'role models', die vaak uiting ge­ven aan liefdesbetuigingen, maar tussen de regels door een moreel of politiek debat weerspiegelen. In de periode van Renaissance en Verlichting werd dit genre mateloos populair in Frankrijk, en ook in Nederland zijn in de loop der eeuwen honderden van zulke gefin­geerde brieven geschreven, in het Nederlands en in het Latijn.In een mooie database van het Instituut voor Nederlandse Taal- en Letterkunde van de Leidse Universiteit, heeft Olga van Marion 642 van deze heldinnenbrieven geïnventariseerd. In meerderheid zijn de brieven gevloeid uit de pen van voornamelijk mannelijke auteurs, hoewel in Nederland ook vrouwen, zoals Lucretia Wilhelmina van Merken, of de veel bekendere Betje Wolff, zich aan de heroïde waagden. Betje Wolff beroerde in 1773 de gevoelige snaar met een brief van Jacoba van Beieren aan haar laatste liefde: Frank van Borselen, en Lucretia schreef in 1761 een heroïde van Charlotte de Bourbon aan Willem van Oranje.De brief van Lucretia is daarmee een uniek voorbeeld van een brief waarin, via de pen van een vrouw, een vrouwelijke auteur zich tot deze held richt. In het bestand van mevr. Van Marion be­vinden zich vijf 'heldinnenbrieven' áán Willem van Oranje en twee van de 'vader des vaderlands'. (Ook de Haagse dichter Thomas van Limburg komt aan de orde.)" (35/6) Zie: http://www.let.leidenuniv.nl/Dutch/Heroides.html
Trefwoorden gefingeerde brieven Algemene en Politieke Geschiedenis