Rond de Vader des Vaderlands. Oranje

Titel "Rond de Vader des Vaderlands. Oranje, Heinsius en Leiden", in Karl Enenkel, Sjaak Onderdelinden & Paul J. Smith (red.), 'Typisch Nederlands'. De Nederlandse identiteit in de letterkunde, Voorthuizen: Florivallis, 1999, pp. 10-25. Noten.  
Auteur Bloemendal, Jan
Jaar van uitgave 1999
Citaat "Willem van Oranje is de Vader des Vaderlands, die bij de gratie Gods de verdeelde Nederlanders onder zijn calvinistische vleugels samenbracht, met succes de Tachtigjarige Oorlog leidde en Nederland onafhankelijk maakte van de roomse Spaanse tirannie. Dit is zo ongeveer het beeld dat in de jaren zestig de scholieren op een Veluwse protestants-christelijke school werd voorgehouden. Aan dat beeld is sindsdien heel wat afgedaan, niet alleen door de historiografie, maar ook in bijvoorbeeld de tv-serie van Walter van der Kamp, waarin Oranje juist werd geportretteerd als een kind van zijn tijd met alle genoegens van dien, een man die partij was, en niet als Vader des Vaderlands die als een halve heilige ver boven de partijen — hoewel dichtbij de calvinisten — stond. In de recente opera François Guyon bleef Oranje doordat de aandacht vooral op de moordenaar was gericht, enigszins een flat character, maar was in diverse scènes wel de man in wie het volk zijn redder ziet: terug naar het vertrouwde beeld dus.Het gangbare beeld, met zijn wortels al in de zestiende en zeventiende eeuw, gaat uit van enkele vooronderstellingen: er is een vaderland dat vrij nauwkeurig afgebakend is, en Oranje is daarvan de Vader. Sommige werken uit de Neder­landse renaissanceletterkunde bevorderden het ontstaan van dergelijke opvattingen. Een van de literaire produkten waarin aanzetten tot dit beeld te vinden zijn, is Heinsius' Auriacus, het uitgangspunt voor deze beschouwing." (11)"Door deze grootse voorstelling van zaken vormt de Neolatijnse literatuur, onder meer Benedicti's epos en met name Heinsius' toneelstuk, een schakel in de mythe­vorming rond Willem van Oranje als Vader des Vaderlands en als unificerend element in de Nederlanden. Althans voor zover men mythe opvat in de bredere betekenis van historisch onhoudbaar gebleken, maar desondanks vrijwel onuitroeibaar concept. Deze visie op Oranje bagatelliseert alle problemen, waaronder financiële, die hem de verdediging van zijn bezittingen bemoeilijkten, veronacht­zaamt het feit dat hij nog niet de leidsman was van een cultureel en politiek samenhangende natie, waarvan in de jaren tachtig van de zestiende eeuw nog geen sprake was, en zij gaat volledig voorbij aan de moeilijkheden die hij ondervond met zijn mede-edelen, met het volk - niet het minst met de calvinistische groepe­ringen daarvan - en met de Staten. Zij houdt evenmin rekening met de verscheidenheid aan reacties op Oranjes dood, die zelfs bijna tot heiligverklaring van de moordenaar Balthasar Geeraerdts leidde." (23)
Trefwoorden Literatuur, Toneel, Muziek, overige Kunsten Literair drama